Minigroenten
✎ BewerkenOnderdelen van dit gerecht:
Ingrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Miniwortels | 200 | g |
| Minivenkels | 100 | g |
| Dunne asperges | 100 | g |
| Minicourgettes | 50 | g |
| Miniprei | 100 | g |
| Witte wijn | 6 | dl |
| Water | 4 | dl |
| Olijfolie | 2 | dl |
| Citroenen | 2 | — |
| Laurierblaadjes | 2 | — |
| Ui | 1 | kleine |
| Bleekselderij | 2 | stengels |
| Zout | 1 | tl |
Bereiding
Was de groenten en maak ze schoon. Laat waar mogelijk de steeltjes en de bladeren zitten. Snijd de groenten afhankelijk van het formaat overlangs doormidden of in vieren zodat de stukken even groot zijn. Hele dunne groenten hoeven niet te worden gesneden. Pers de citroenen. Snijd de ui in ringen. Snijd de bleekselderij in dunne reepjes van ca. 4 cm lang. Giet de wijn en het water in een ruime pan en laat deze koken ca 2 tot 3 minuten. Voeg 1,5 dl citroensap, de olijfolie, de laurierblaadjes, de ui en het zout toe en breng de pocheervloeistof tegen de kook aan. Doe vervolgens eerst de venkel en de worteltjes in de vloeistof. Voeg na 3 minuten de asperges, de courgette en de prei toe. Pocheer nog 3 tot 4 minuten. Alle groenten zijn nu beetgaar.