Tartelette
✎ BewerkenOnderdelen van dit gerecht:
Ingrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Bloem | 265 | g |
| Poedersuiker | 100 | g |
| Amandelmeel | 50 | g |
| Zout | — | snuf |
| Boter, koud en in blokjes | 160 | g |
| Ei losgeklopt | 40-45 | g |
Bereiding
1. Doe de bloem, het amandelmeel, de poedersuiker en het zout in een kom en meng door elkaar. 2. Voeg de boter toe en wrijf dit met je vingertoppen door het bloemmengsel, tot het op grof broodkruim lijkt. 3. Voeg het halve ei toe en kneed alles kort tot een enigszins samenhangend deeg. 4. Stort het kruimelige deeg op een stuk clingfilm en verpak het deeg. Druk het deeg tot een dikke platte schijf en laat het minimaal 1 uur rusten in de koelkast. 5. Verwarm de oven voor op 180 °C. Gebruik voor de tartelettebodempjes de grijze vormpjes van 8-10 centimeter doorsnede en 2-2½ centimeter hoog. 6. Kneed het deeg nog kort door en rol het vervolgens op een licht bebloemd werkblad uit tot een dikte van ongeveer 1 millimeter. 7. Steek of snijd cirkels uit het deeg die groot genoeg zijn om de vormpjes te bekleden. 8. Bekleed de vormpjes met het deeg en snijd het deeg aan de bovenkant netjes recht af. Het deeg dat overblijft kun je opnieuw uitrollen. Bekleed zo alle vormpjes. 9. Prik de deegbodem enkele malen in met een vork, dit voorkomt dat het bol gaat staan tijdens het bakken. Zet de beklede vormpjes 15-30 minuten in de koelkast. 10. Bak de tartelettes in 14-19 minuten goudbruin en gaar. Haal ze na het bakken direct uit hun vormpjes en laat ze afkoelen op een rooster. 11. Bak het restdeeg mee, dat kan later verkrummeld worden en als ondersteuning dienen voor de quenelles.