21 april 2026

Onderdelen van dit gerecht:

Ingrediënten

Ingrediënt Hoeveelheid Eenheid
Sjalot 1
Knoflookteen 1
Olijfolie 30 g
Gevogelte fond bereid van concentraat 500 ml
Dille 5 takjes
Vastkokende aardappelen ø 6cm 8
Afsnijdsels van de aardappelen ca. 100g
Komkommer 0.25
Hollandse garnalen 2 tl
Garnalen dille saus enkele ml
Filodeeg 4-6 bladen
Gepasteuriseerd eiwit 50 ml
Geklaarde boter

Bereiding

Haal allereerst het filodeeg uit de vriezer om te ontdooien. Klaar 1/2 pakje roomboter voor gebruik in dit recept. Sjalot en knoflook fijn snijden en in olie aanbakken zonder te laten verkleuren. Gevogelte bouillon en dille toevoegen en 10 min. laten trekken (van het vuur af). Aardappelen schillen en in de lengte in 1 cm dikke schijven snijden. Met een snijdring (ø 5cm) rondjes uitsnijden. Vervolgens met een snijdring (ø 2cm) het midden van het schijfje uitsnijden zodat een ring van aardappel ontstaat. Plaats ringen en afsnijdsels naast elkaar samen met de fond in ovenschaal. Gaar aardappelen in de stoomoven op 100C – 100% stoom gedurende ca. 10-12 min. Houd een oog in het zeil. De ringen moeten gaar maar mogen niet te zacht worden. Stem hiervoor af met het team van het hoofdgerecht. Zij gebruiken de stoomoven op dezelfde temperatuur. Schil een ¼ komkommer, verwijder de zaadlijst en snijd vervolgens in piepkleine blokjes (2x2 mm). Zout blokjes in een vergiet en laat uitlekken. Snijd de garnalen in kleine blokjes. Laat de aardappelafsnijdsels uitdampen en bereid van een gedeelte van de afsnijdsels met de komkommerblokjes, de garnalen en een beetje saus een stevige puree. De puree mag niet vloeibaar worden! Je hebt max. 100 g vulling nodig. Hak de dille fijn. Voeg de gehakte dille toe en breng goed op smaak met zout en cayennepeper. Haal de aardappelringen voorzichtig uit de ovenschaal. Dep ze goed droog. Snijd met een snijring (ø 5cm) rondjes uit het filodeeg. Bestrijk de filodeeg rondjes aan een kant dun met losgeklopt eiwit. Zet een aardappelring of het rondje. Vul een beetje van de vulling in het midden. Sluit af met een verder rondje van filodeeg die je op een kant met eiwit hebt bestreken. Er is nu een soort van een sandwich ontstaan. Bestrijk de rondjes met geklaarde boter. Bewaar de aardappelrondjes op een bakplaat met een siliconen mat.