Saus
✎ BewerkenIngrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Waterkers | 2 | bosjes |
| Sjalotjes | 2 | — |
| Boter | 25 | gr. |
| Visbouillon | 8 | dl |
| Koksroom | 1.5 | dl |
| Crème fraîche | 1.5 | dl |
| Koude boter in blokjes | 100 | gr. |
| Zout en peper | — | — |
Bereiding
Verwijder de steeltjes en blancheer de waterkersblaadjes ca. 1 minuut in weinig kokend water. Spoel ze af en sla ze goed droog in de slacentrifuge. Maal de waterkers in een blender onder toevoeging van 3 dl koud water. Laat de aldus verkregen massa uitlekken in een koffiefilter, zodat alleen de puree overblijft. Snipper de sjalotten en laat deze in wat boter op klein vuur zachtjes zweten tot ze glazig zijn. Giet de visbouillon erbij en laat het geheel op een vrij hoog vuur inkoken tot de helft. Voeg dan de koksroom en de crème fraîche toe en laat weer inkoken tot de helft. Giet de saus door een zeef in een schone pan. Breng de gezeefde saus aan de kook en klop er van het vuur af met kleine beetjes tegelijk de in blokjes gesneden koude boter. Breng de saus op smaak met peper en zout en roer de waterkerspuree erdoor.