Kwarkeilandjes in abrikozensaus
✎ BewerkenIngrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Melk | 1 | dl |
| Suiker | 35 | gram |
| Crème fraîche | 100 | gram |
| Kwark | 100 | gram |
| Eidooiers | 100 | gram |
| Gelatine | 2 | blaadjes |
| Citroen | 0,5 | stuk |
| Kaneel | 0,5 | theelepel |
| Abrikozen | 400 | gram |
| Triple sec | 1 | dl |
| Sinaasappelsap | 1,2 | dl |
| Munt | 4 | blaadjes |
| Bosbessen | — | — |
Bereiding
Kwarkeilandje: Week de gelatine in koud water. Rasp de schil van de citroen. Verwarm de melk met de suiker en de crème fraîche. Klop de eidooiers schuimig, voeg dit aan het hete melkmengsel toe, laat het au-bain-marie binden. Neem de pan van het vuur en los de geweekte gelatine hierin op. Roer de citroenrasp en de kaneel erdoor, laat het iets afkoelen. Spatel de kwark er voorzichtig doorheen. Spoel de vormpjes om met water, giet het mengsel in de vormpjes. Zet ze in de koeling om te laten opstijven. Abrikozensaus: Halveer de abrikozen en ontpit ze. Laat de suiker in een beetje water karamelliseren. Voeg de abrikozen toe en schenk de Triple-sec eroverheen. Laat dit onder regelmatig roeren cirka 20 minuten koken. Schenk het sinaasappelsap erbij en laat dit nog cirka 10 minuten pruttelen. Haal de abrikozen eruit. Houd een halve abrikoos per persoon apart, pureer de rest met een metalen staafmixer fijn. Snijd de achtergehouden abrikozenhelften in drieën. Serveren: Stort de taartjes uit de vormpjes op een bord. Giet de abrikozensaus eromheen, garneer met bosbessen, abrikozenstukjes en blaadjes munt.