Appeltaart met herfstgeuren, kaneelijs en vanillesaus
✎ BewerkenIngrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Slagroom | 0,8 | dl |
| Melk | 0,8 | dl |
| Suiker | 30 | gram |
| Kaneelstokje | 1 | stuks |
| Kaneelpoeder | 0,4 | theelepel |
| Vanillestokje | 0,4 | stuks |
| Eidooiers | 40 | gram |
| Bloem | 100 | gram |
| Droge gist | 2 | gram |
| Rozijnen | 12 | gram |
| Rum | 0,8 | eetlepel |
| Sinaasappelsap | 0,4 | eetlepel |
| Sinaasappelmarmelade | 0,8 | eetlepel |
| Eieren | 1 | stuks |
| Boter | 32 | gram |
| Appels (jonagold) | 1,2 | stuks |
| Eigeel | 14 | gram |
| Suikerkorrels | — | — |
| Zout | 0,8 | mespuntje |
| Vanillestokjes | 0,5 | stuks |
| Maïzena | 0,2 | theelepel |
| Amandellikeur | 0,5 | eetlepel |
| Amandelessence | 0,5 | eetlepel |
| Munt | — | — |
Bereiding
Kaneelijs: Laat de room, melk, de helft van de suiker, kaneelstokjes en het opengesneden vanillestokje zachtjes trekken. Zeef de massa. Klop de eidooiers met de rest van de suiker schuimig en voeg dit beetje bij beetje bij het roommengsel. Laat dit zachtjes binden tot de temperatuur 80°C is bereikt. Doe dit eventueel 'au bain marie'. Laat dit afkoelen en draai er ijs van. Appeltaart: Los de gist op in de lauwe melk. Meng de rum, rozijnen het sinaasappelsap en de sinaasappelmarmelade in een kom. Doe de gezeefde bloem en de opgeloste gist in een grote kom. Meng er vervolgens de suiker, losgeslagen eieren en het zout door. Kneed de boter er beetje bij beetje doorheen totdat het deeg los komt van de kom. Dek het deeg af met een doek en laat het circa 1 uur rijzen in een lauwwarme omgeving. Bereidingswijze: Kaneelijs: Schep, als het ijs klaar is de massa in een grote kom en zet het in de vriezer. Appeltaart: Kneed het deeg nog eens door om het luchtiger te maken. Bekleed een springvorm van 28 cm diameter, met beboterd bakpapier. Verdeel het deeg in 2/3 en 1/3 deel. Bedek de bodem met het 2/3 deel en de randen met 1/3 deel. Laat het geheel nog circa 15 minuten op kamertemperatuur rusten. Schil de appels en verwijder het klokhuis. Snijd de appels in smalle repen. Leg ze dakpansgewijs over het deeg in de springvorm. Kwast de randen in met eigeel en strooi suikerkorrels op de rand. Bak het deeg in circa 25 minuten in een voorverwarmde oven van 150°C. Laat de rozijnen uitlekken en vang het lekvocht op. Verdeel de rozijnen over de appels, verlaag de oventemperatuur naar 125°C en bak het geheel nog eens 10 minuten. Laat de taart 15 minuten in de vorm afkoelen. Vanillesaus: Breng de melk met het opengesneden vanillestokje en een snufje zout aan de kook. Laat het circa 20 minuten trekken. Klop de eieren los en maak deze aan met de maïzena en de suiker. Voeg al roerend een deel van de kokende melk toe. Giet vervolgens het lauwwarme mengsel onder voortdurend roeren bij de kokende melk en laat dit gaar (dik) worden. Let op: houd de temperatuur op maximaal 80°C of doe dit 'au bain marie'. Verwijder het vanillestokje en schrap het merg eruit. Doe dit terug in de saus en breng de saus op smaak met de amandellikeur. Serveren: De appeltaart kan lauwwarm opgediend worden. Besprenkel de taart vlak voor het serveren met het vocht van de rozijnen. Plaats een stuk taart op de zijkant van een groot bord. Nappeer een spiegeltje van de vanillesaus ernaast. Leg hierop een bolletje kaneelijs. Garneer met een blaadje munt.