ABRIKOZENSOUFFLÉ
✎ BewerkenIngrediënten
| Ingrediënt | Hoeveelheid | Eenheid |
|---|---|---|
| Gedroogde abrikozen | 150 | gr. |
| Sinaasappelen | 6 | pers |
| Eiwitten | 3 | — |
| Kristalsuiker | 1 | el |
| Eigeel | 1 | — |
| Bakpapier | — | — |
| Boter | — | — |
| Witte basterdsuiker | 2 | el |
| Poedersuiker | — | — |
Bereiding
Verwarm de oven voor op 180° C. Vet mini soepkopjes in met olie of gesmolten boter en bestrooi ze met basterdsuiker. Schud het teveel eruit. Bind een stuk bakpapier om de bovenkant van het kopje. Trek met de zesteur dunne reepjes van de schil van een sinaasappel voor de garnering. Pers de sinaasappelen uit. Blancheer de zeste in wat kokend water. Pocheer de abrikozen in het sinaasappelsap totdat het vruchtvlees zacht is; laat ze afkoelen. Pureer deze in de keuken machine. Klop de eiwitten, in een schone kom, taai gedurende 20 min m.b.v. de machine. Er moeten zich stevige punten vormen. Klop het eigeel los en klop dit samen met de kristalsuiker door het eiwit. Spatel er daarna de abrikozenpuree door. Schep de massa in de vormpjes en bak ze 20 minuten in de oven totdat ze mooi omhoog komen en lichtbruin worden. Haal ze uit de oven en verwijder het bakpapier. Presentatie: Bestrooi de soufflés met poedersuiker en garneer af met zeste. Dien het kopje cantharellen likeur samen met de abrikozensoufflé en het bordje met het champignonijs op een groot bord op.